Basket.

29 11 2009

Vandaag was alweer een memorabele dag ten huize De Leeuwkes: Sennes eerste basketbaltornooi stond namelijk op het programma.  Sinds oktober probeert de basketbalschool van BC Grimbergen hem namelijk de beginselen van basket bij te brengen. Probeert. Want duidelijk met nog niet veel succes. Ze hebben alle matchkes verloren en geen enkele korf gemaakt maar ik heb bijzonder goed gelachen met hun prestatie. Jammergenoeg ik alleen, want de papa was een beetje ziekerig en dus niet mee.

Stond Senne op het veld, dan liep hij daar zo wel wat rond te lopen (af en toe huppelde hij er zelfs letterlijk wat doorheen), zwaaide af en toe es met zijn armen en is er op wonderbaarlijke wijze toch in geslaagd van op die 5 matchkes een keer of vijf de bal te raken. Met zelfs twee doelpogingen tot gevolg. Ik was voorwaar trots.  ‘t Is en blijft Senne natuurlijk, dus af en toe stond ie ook gewoon wat te dromen op dat veld en met zijn marcelleke te spelen, tot de coach hem tot de orde riep.

Allez, ‘hilarisch’ was zo wat het woord dat er het beste op paste. En allicht kan het vanaf nu in de volgende wedstrijden alleen maar beter worden. Weten ze tenminste al dat ze tussen de spelers van de andere ploeg moeten gaan staan om de bal te kunnen afpakken (‘dat had de coach namelijk pas achteràf gezegd, mama! Wij wisten dat niet!!‘)

Laat het dus vooral duidelijk zijn dat ik heel dat basketgedoe niet al te serieus neem. Senne moet sport doen (ik wil genen nerd als zoon), basket lag op een goed uur, er doen wat vriendjes van de klas mee, en het is een ploegsport. Meer moet dat niet zijn, en ik denk niet dat ie het talent heeft om ooit in de NBA mee te doen.

Maar andere ouders dan.

Ge hoort dat soms van bij de voetbal. Dat is dus ook zo bij den basket. Van die papa’s die in eerste instantie geweldig kwaad zijn op de trainer omdat die hun zoon niet heeft geleerd dat ge dus tussen die twee van de andere ploeg moet gaan staan. Of dat ge voor den anderen moet gaan staan en met uw armen moet gaan zwaaien zodat die zijn bal niet kan passen. ‘Den trainer is absoluut niks waard, wat leren ze daar eigenlijk en het is ronduit schandalig’. En dan in tweede instantie kwaad zijn op hun zoon omdat die zijnen bal laat vallen. Of onder het doel loopt en dan probeert te doelen, wat volgens alle wetten van de fysica redelijk onmogelijk is. Of die bij alle pauzes tussen de matchkes die zoon verplichten van naar de andere matchkes te kijken en vooral te analyseren wat ze goed en fout doen.

Die van mij was op dat moment op ‘t gemakske een suikerwafel aan ‘t eten. Maar ja, mijne zoon zal dan ook nooit in de NBA spelen. En ‘t zal mijn schuld zijn, ge ziet dat van hier, ik ben er niet serieus genoeg mee bezig…





Moesjke.

28 11 2009

Hij bleek ginds nog ingeschreven onder de naam ‘Moesjoe’, de naam die de vorige eigenaars van ons huis aan het -toch-wel-ongelooflijk-lieve-maar-terzelfdertijd-bijzonder-verwaarloosde-beest-dat-ze-niet-meer-moesten-hebben hadden gegeven. We hebben hem 7 jaar geleden opgevangen (het moment dat hij op de vensterbank sprong toen we er samen met de vorige eigenaars waren en ik spontaan zei ‘verkoopt ge die niet mee’, staat in  het leven van de Moesj nog steeds genoteerd als het winnen van Euromillions, denk ik), compleet kaal geschoren (‘t was nl. nogal een dreadlock-vacht), ingeënt en nog vanalles. Maar dus toen nog onder zijn officiële naam, door de jaren heen veranderd in Moesj(ke). Neen, wij hebben zo’n naam dus niet zelf uitgevonden. Daar komt ge zelf niet op, denk ik.

Soit. Gisteren stond ik er nog es terug, daar bij de dierenarts. 2x zelfs.

Er wonen namelijk nogal wat zwerfkatten in onze buurt en naast het steeds weer kapotbijten van onze vuilzakken op zoek naar een hapje, leven zij zich soms ook uit op de Moesj. Gevolg: een redelijk grote wonde op zijn kop, die volledig was beginnen verzweren, etteren en er allesbehalve appetijtelijk uitzag. Senne ging vrolijk mee. Het lachen verging hem enigszins, en tranen kwamen in de plaats toen de dokter achtereenvolgens:

- vaststelde dat er een mega-etterbuil op de kop van Moesj zat
- Moesj een spuitje gaf om hem te laten slapen
- de etterbuil opensneed (ik laat de details achterwege, maar combineer de woorden ‘bloed’, ‘etter’,'viezigheid’ en ‘gutsen’ in één zin en je hebt het zo wat.
- Moesj terug een spuitje gaf om hem te laten wakker worden, en nog wat extra spuitjes met antibiotica en tegen de pijn

En toen kregen we hem terug mee naar huis, met de boodschap dat de wonde open moest blijven en hij dus wel nog wat zou bloeden.

Eens thuis ging Moesj gezwind naar boven, alwaar hij, naar ik dacht, een dutje ging doen. Effe naar boven gegaan om te gaan kijken en er schoot een keihard bloedend, schuimbekkend wezen langs mij, ondertussen die kop natuurlijk niet geweldig stil houdend, met alle gevolgen van de middelpuntvliedende kracht die ge u op dat moment kunt bedenken: bloed overal en idem schuim/speeksel.

‘Onmiddellijk terugkomen’ zei de dierenarts, waarna Senne en ik op zoek gingen naar Moesj die ondertussen weer ergens onder verdwenen was. Senne speelde even detective en vond dat stuk van het avontuur dus geweldig: het was namelijk bloedsporen zoeken en zo terugvinden waar de Moesj zat.  Dankzij de speruneuskwaliteiten van Senne en na een serieuze worsteling kregen we hem uiteindelijk terug in de reismand, brachten we hem opnieuw bij de dokter en die had er eigenlijk geen idee van hoe dat kon komen, behalve een eventuele allergische reactie op een of ander product dat hij had gebruikt om de wonde schoon te maken. In ieder geval: daar zit Moesj nu nog. Tot zover geen telefoon gehad dat er iets mis zou zijn en straks gaan we hem opnieuw halen.

En dan hoop ik maar  dat alles al terug een heel klein beetje in toegegroeid, en dat ik de middelpuntvliedende kracht niet nog een keer aan Senne moet uitleggen…

Update:
De gebeden van Nonkel Boeckie hebben hun effect niet gemist. De Moesj is nog wat gehavend, maar voor de rest  weer springlevend. Hoera!





Examen.

26 11 2009

Steeds weer blijft er ergens het gevoel van een mondeling examen, bij zo’n officieel oudercontact. Dat je tussenin wel eens met de juf praat, is niet van tel. ‘t Is dàn en dàn alleen dat niet alleen de evaluatie van je kind gemaakt wordt, maar dus ook per definitie van je eigen genetisch doorgegeven intelligentienieveau en karaktereigenschappen, en het succes van je opvoedingsmethode. Enfin, zoe voelt het toch aan. En dan moet je daar voor die klas gaan wachten op zo’n piepklein stoeltje, en praat je met andere ouders over ‘wat heeft ze gezegd en wat zal ze zeggen’.

Ik krijg daar dus elke keer weer een examengevoel van.

Maar bon, we hebben het er dus bijzonder goed vanaf gebracht. Voor op lezen, voor op rekenen (en voor beiden dus ook extra ‘verrijkingslessen’, fijn dat dat bestaat, denk ik dan). Een beetje meer moeite met de fijne motoriek voor het schrijven, maar niks om zorgen over te maken. Werkt goed & graag mee, sociaal en beleefd. Klapt toe in een grote groep. Een tafelspringer zal ie wel nooit worden.

Papa & Mama Leeuw zijn dus geslaagd voor het 1ste examen van het 1st leerjaar. Yay! Kleine wave voor onszelf!

En voor Senne natuurlijk :-)





Gelukzak.

23 11 2009

‘Ik ben toch nogal een gelukzak, hé. Amai, zo een gelukzak dat ik ben.’

Kwam er deze morgen zomaar uit. Zonder enige specifieke aanleiding, al had het allicht te maken met het fijne afgelopen weekend.

Waardoor we meteen weer weten waarom we met veel plezier ons hele huis hebben overhoop laten halen, gisteren - waarover later meer :-)





Anderlecht.

17 11 2009

- Mama, ik moet morgen 1 euro mee hebben naar school om een armbandje te kopen

- Een armbandje???

- Ja, een armbandje van Anderlecht! Dat verkopen de kindjes van het laatste leerjaar. Er zijn er ook andere, maar ik wil er één van Anderlecht.

- En weet jij dan wat dat is, Anderlecht?

- Ja, dat is de beste voetbalploeg van België. je kan ook zeggen: ‘Anderlecht superslecht’, maar dat is eigenlijk een fopje.

- Aha. En welke kleur heeft dat armbandje dan? Hoe zijn die voetballers van Anderlecht dan gekleed?

- In Rode Duivels!!

Just. Hij is nog niet helemaal mee. Maar ‘t is wel duidelijk wat the leading team is, daar op de speelplaats…

 





Email.

16 11 2009

Nu Senne gisterenavond zijn allereerste echte zelfgeschreven brief naar de Sint maakte (‘liefe sint, ik wil strijkpaarels van bliksem en voor matisse bateendjes’), leek de tijd rijp voor een echt emailadres. Kwestie van de wereld nog meer te doen opengaan dan ze al was. Voorlopig nog maar één bestemmeling in zijn adresboek. Maar ziehier: de allereerste mailconversaties van Senne De Leeuw, de eerste van de miljoenen die in zijn leven nog gaan volgen. Ik vind dat tof. :-)

mail1

mail2

En ik kijk er ook al naar uit dat hij naar mij gaat beginnen mailen, ge ziet dat van hier…





Knuffels.

12 11 2009

Senne vroeg mij een paar dagen geleden: ‘hoe het eigenlijk was gekomen, dat hij Mima zo graag zag?’

Voor wie hem niet alleen kent van deze blog maar ook in ‘t echt, moet ik Mima niet voorstellen. Voor de anderen: Mima heette eerst Simba, bleek officieel zelfs Kumba te heten, is ook al een leeuwke, en is sinds een jaar of zes inderdaad Sennes beste vriend, daar kan geen Victor-Louis of Rune tegen op.

Matisse heeft ondertussen Paco uitgekozen als favoriete knuffel allertijden. Twee Paco’s dan wel. Zo merken wij steeds weer proefondervindelijk dat hij dus nog niet in woord maar wel in daad tot twee kan tellen… Yay.

Senne maakte daarnet trouwens dit stilleven met de Paco’s en de Mima’s recht uit de wasmachine.

DSC_0714

Enfin, soit. De vraag van Senne deed mij terugdenken aan een gedichtje dat Juffrouw De Neve (in die tijd waren er nog geen Juffen Barbara of Kristien, maar hadden juffen enkel een achternaam) ons ooit had voorgelezen in het 6de leerjaar. Het kwam uit het geweldige boek ‘ma er zit een dichter in mijn boom’, dat de sint mij toen ook gebracht had. Ik ken er nog tientallen gedichtjes van, knal vanbuiten. Deze moest ik effe gaan opzoeken, en kijk es: schoon toch?

Ze stonden in de winkel op een rij.
Ze konden nog niet zien en nog niet horen.
Want speelgoedbeesten worden pas geboren
als er een kindje zegt: “Jij wordt van mij!”

Er was een och-zo-klein konijntje bij,
helemaal grijs, met donkergrijze oren
(één stond rechtop, één leunde wat naar voren)
en ‘t hield zijn kopje eventjes opzij.

En toen kwam Katelijntje.
Ze keek langs héél de rij
en zei toen: “Dag konijntje,
kom maar, je wordt van mij.”

Ze nam het zachtjes in haar arm,
ze streek het langs zijn oren,
en toen werd het konijntje warm.
En toen was het geboren!

                           Harriet Laurey





Strijkparels.

8 11 2009

Een blik op de stats van leeuwkes.com leert dat er toch wel wat volk hier afkomt in de hoop strijkparelpatronen te vinden. Om dan te botsen op een verhaal over de mysterieuze verdwijning van een strijkparel in de neus van Senne.

Omdat klant koning is en ge surfers nooit moogt teleurstellen: ziehier een hoop links die ik met mijn strijkparelfan al bezocht heb:

http://www.beekieforum.nl/vlokje/strijkkralen.htm
http://kids.flevoland.to/borduren/
http://www.perlerbeads.com/
http://icandream.com/crafts/p/index.shtml

en had ik een dochter, ik maakte zeker deze: http://www.perlerbeads.com/ideapages/ideaheartboxes/heartboxes.html

Voilà, tot uw dienst :-)

UPDATE (nadat dit de populairste google-opdracht blijkt te zijn om hier terecht te komen):

perlerbeads werkt niet meer: ga nu naar http://www.eksuccessbrands.com/perlerbeads/





Vriendschap.

6 11 2009

Senne: ‘Jij mag kiezen wie er begint, omdat jij mijn beste vriend bent!’

Rune: ‘Ok, dan mag jij beginnen, omdat jij mìjn beste vriend bent!’





Parijs.

5 11 2009

Sinds hartsvriendinnetje Axelle vorig jaar naar Parijs verhuisde, en zowel de Kleine Einsteins als Kika & Bob de Eiffeltoren al eens met een bezoekje vereerden, stond een bezoekje aan de Lichtstad zéér hoog op het verlanglijstje van Senne.

Dus boekten wij een driedubbel ticket op de Thalys, en een fijn hotel-met-Brussels-Airlines-korting, en gingen wij zondagavond Matisse afzetten voor een verwendriedaagse bij Oma en Opa. Om maandag dan in het station van Vilvoorde te starten wat zeer zeker een zalig citytripje was – zij het wat anders dan mochten we het onder ons twee gedaan hebben.

Voorbereid hadden we niet echt: vooraf had ik op Facebook & Twitter wel naar tips gevraagd voor een fijne Parijs-trip met kids. Werden mij o.a. aangeraden en had ik dus ook afgeprint mee:

- Pretpark Parijs van uit de Weekend Knack
- http://www.parijsalacarte.nl/opstapmetkinderen.html

En van een collega o.a. volgend boekje: Parijs Kidskompas

Dat hadden wij beiden snel allemaal even doorgelezen zodat we Senne elke keer de keuze konden geven over wat hij het liefste wou doen.

En zo deden wij achtereenvolgens (met tussendoor heel veel pokkedure drank- en eetpauzes), op het kalme ritme van een bijna-zesjarige in volle verwondering en niet opgejaagd door enige Rough Guide- of Lonely Planet-stress:

op Dag 1 (namiddag):

- de Eiffeltoren: eerst vanbuiten (incl. het plein en de ‘zwarte meneren’ die vanalles verkopen), en dan vanbinnen. Lang wachten was het wel. Tot verdieping 2 zijn we gegaan. Met de lift naar boven en met de trap naar beneden. Dat alle treden genummerd waren en we op die manier konden aftellen hoeveel we er nog moesten doen, maakte het extra leuk. Ik denk dat we daar een uur of drie, vier hebben rondgelopen (en/of gewacht)

paardenmolen
- de paardenmolen er vlakbij: Parijs blijkt vergeven te zijn van carroussels, ge let daar niet op als ge geen kinders hebt, ge kunt er niet voorbij als ge d’er wel hebt.
- een uitgebreide zwempartij in het hotel
- op stap naar een restaurant, ondertussen zicht op… de Eiffeltoren!
- een ritje op de… paardenmolen
- een Parijse brasserie in de buurt van het hotel

Dag 2:
- de piramide van het Louvre (ook daar zijn de Kleine Einsteins namelijk al eens beland)
- de Jardin des Tuilleries: daar hadden wij gelezen dat er ook een grote speeltuin was. Helaas was die gesloten voor renovatie. Gelukkig was er wel een … paardenmolen. En ook heel veel duiven: dat blijkt een bijna-zesjarige namelijk geweldig plezant te vinden: doorheen een troepje duiven stuiven, ondertussen oerkreten uitstotend.
- de Place du Vendôme: eigenlijk initieel bedoeld om daar de metro te pakken, maar er staat daar op één gebouw een gouden standbeeld en dat is wel precies zoals een piratenschat natuurlijk

duiven
- Centre Pompidou (helaas enkel langs de buitenkant, dat blijkt namelijk dicht op dinsdag). Voor Centre Pompidou is een bijzonder groot plein, met allicht de grootste duivenpopulatie van Parijs op één plaats. Laat ons zeggen dat ze een niet zo’n fijn half uurtje hebben beleefd :-)
- De ’gekke’ fontein vlak aan Centre Pompidou
- Het pannekoekenrestaurant aan die fontein
- de Funiculaire naar Montmartre

ooh
- Montmartre zelf: en een zicht op… de Eiffeltoren!
- de Place du Tertre

cartoon
- even poseren voor een cartoon (met daarop in de achtergrond… de Eiffeltoren!)
- Trocadero: ondertussen was het donker. Nietsvermoedend stapte hij het plein op. En zag toen: de Eiffeltoren!

eiffeltoren
- Maar die verwondering was dan toch weer niet sterk genoeg om hem af te brengen van de volgende missie: een suikerspin bemachtigen
- Volgden alle kraampjes van Trocadero tot helemaal beneden aan de Eiffeltoren (een zestal waren het er denk ik), die allemaal vanalles verkochten behalve die ene felbegeerde suikerspin die hij voor het eerst in zijn leven wou proeven.

suikersprin
- Waarop we opnieuw belandden aan de… paardenmolen-met-kraampje van dag 1 en na het verorberen van de suikerspin (‘lekker, maar ‘k ga dat toch niet meer eten want dat plakt zo’), en een ritje op de… paardenmolen, verkondigde hij dat hij nog eens op de… Eiffeltoren wilde. Deze keer dus in vol ornaat verlicht.
- Waarna wij opnieuw gingen aanschuiven (minder volk evenwel dan overdag), en deze keer kaartjes kochten tot de top. Het werd geweldig spectaculair bevonden. Missie dus alweer geslaagd.
- En toen stopten we op de terugweg naar het hotel om nog een pizza te eten en kropen wij ook moe maar voldaan ons bed in.

Dag 3:
opnieuw een kort dagje, ‘s namiddags pakten we namelijk alweer de combinatie metro-Thalys-trein-auto om terug in Grimbergen te belanden.

Opnieuw hadden de bootjes geen succes en werd er deze keer gekozen voor de Jardin des Plantes. Een mooi park is dat, met een paar kleine speeltuintjes, waarin een relatief kleine zoo zit, maar met beesten die ge niet direct vindt in Planckendael. En vooral: met een zeer duidelijk plannetje waarop alle beesten zijn getekend en niks is fijner voor onze bijna-zes-jarige om kaarten te lezen en ‘af te werken’. Behalve de kikkers, slangen, schildpadden  en krokodillen en een beetje de apen konden er immers weinig dieren écht op zijn belangstelling rekenen, één keer dat hij ze gespot had ifv zijn kaartje was het ‘op naar de volgende’.

In dat park is ook het natuurhistorisch museum gevestigd dat reclame maakt met een groot skelet van een Tyrannosaurus Rex dus het spreekt vanzelf dat dat ook op het verlanglijstje stond. Dat stond dus vol met skeletten van beesten van nu (de walvis! de giraf!) en van vroeger (de triceratops! de tyrannosaurus! de diplodocus!). Een vrij stoffig geheel maar hij was enthousiast en dat vonden wij op deze trip het belangrijkste (en het leukste).

Afsluiten deden we in stijl met een hotdog in het park in het enige streepje zon van de hele trip, waarna we de hele trip terug naar huis aanvatten.

Wij zijn er dus in geslaagd om met een bijna-zes-jarige naar Parisj te trekken zónder in de obligate bootjes te zitten. En we hebben nog honderden dingen niet gezien die hij ongetwijfeld geweldig had gevonden – als Tis groot genoeg is gaan we zeker nog es terug. Hopelijk geven de paardenmolens tegen dan korting.








Follow

Get every new post delivered to your Inbox.