Belgacom.

19 03 2010

Beste meneer of mevrouw verantwoordelijk voor de Belgacom-mannen die de straat openleggen,

Eerst en vooral mijn excuses dat ik u aanspreek op de manier waarop ik u aanspreek.

Maar dat heeft zo zijn reden: ik weet namelijk niet wat de naam van de dienst is, die u leidt, of onder wiens bevoegdheid die valt.

Ik bedoel dus die dienst die de Belgacom-camionettes erop uit stuurt. Daarin zitten doorgaans een paar mannen in Belgacom-overalls. Die zetten dan ergens een Belgacom-tentje op en beginnen dan met hun Belgacom-gereedschap putten te graven om iets van Belgacom te repareren of te installeren. Die Belgacom-dienst dus.

Ik probeer u te bereiken.

Het zit namelijk zo:

Twee weken geleden kwam ik thuis en bleken die Belgacom-mannen van u ons voortuintje te hebben opengelegd. Gezien ik geeneens Belgacom-klant ben (jawel ik heb ooit een poging ondernomen, maar daarvoor moest u toen de straat openleggen en dat zou me worden aangerekend), verwonderde mij dat engiszins. Maar goed, er bleek ergens verderop in de straat een grote storing te zijn, en die werd zo ongeveer gelokaliseerd ter hoogte van waar nu dus het Belgacom-tentje stond. Pal voor ons huis.

Helaas was het woord ‘ongeveer’ hier absoluut op zijn plaats, en bleek dat het Belgacom-tentje 5 meter teveel naar links stond. Put terug toe en uw mannen gingen de volgende dag gezwind aan het graven naast en op onze oprit. Hmm, ‘gezwind’ is hier een dichterlijke overdrijving.

Soit.

Ze verzekerden ons er ook van dat alles in de oorspronkelijke staat zou hersteld worden.

Laten we dus even kijken wat die oorsponkelijke staat ook weer was:

  1. een oprit met klinkers, vastgezet in wat in het jargon ‘stabilisé’ blijkt te heten. Mooi vlak. Licht hellend naar de straatkant toe voor het regenwater. Jaja die mens die ooit onze oprit heeft aangelegd, daar waren wij tevreden van.
  2. naast de oprit is een veld. Dat veld is hobbelig, staat vol onkruid. Maar wordt wel regelmatig gebruikt om twee auto’s naast elkaar te laten passeren in de smalle straat die de onze is.

Maar wat is nu de huidige staat, hoor ik u oprecht nieuwsgierig vragen? Er moet toch een reden zijn waarom ik rechtstreeks het woord tot u richt?

  1. het einde van onze oprit, waar u heeft laten graven, weet u nog, is nu een hobbelig geheel. Heeft het geregend dan staan er plassen. De klinkers zijn verzakt, komen los en het trekt eigenlijk op niks meer.
  2. in het veld is deze morgen een vrachtwagen gezakt door die put van u. De put was duidelijk even snel voor het zicht toegegooid. Een groot gapend gat dat zicht geeft op een of andere Belgacom-machinerie is nu het resultaat. De eerstvolgende auto die daarover of beter in rijdt, is een wiel kwijt. Het lijkt mij ook niet optimaal voor die Belgacom-machinerie van u, trouwens.

Dus wil ik u bereiken.

Ik wil u namelijk even vragen om mijn oprit écht in de oospronkelijke staat te herstellen; en u wijzen op het gevaar van die put. En als u die Belgacom-camionette dan toch terug opstuurt, kunnen die mannen dan misschien ook de achtergelaten blikjes, waterfles en handschoenen terug meenemen. Zo onder het motto ‘opgeruimd staat netjes’ en al?

Maar ik vind op de Belgacom-site geen Belgacom-telefoonnummer waar ik wat kan melden, gegeven dat ik geen klant ben (m.a.w. als u me computergestuurd vraagt om eerst mijn belgacom-telefoonnummer in te geven, dan moet ik het antwoord schuldig blijven). Ik vind niks bij de veelgestelde vragen.

Dus zet ik het even hier.

In de hoop dat u een conversation manager in huis hebt. Of er zelf één bent. Eén die blogpostjes over Belgacom nauwgezet opvolgt en daar dan ook wat mee doet. Ik heb opzettelijk heel vaak het woord Belgacom gebruikt in deze post. Allemaal in de hoop dat ik lekker hoog op uw technorati of andere blogwatch komt. En u de conversation kan managen. en mijn probleem opgelost geraakt. En dan zijn we beiden content, niet?

Ik wacht hoopvol op een teken van leven!

Met vriendelijke groeten,

M.





Yoghurt.

17 03 2010

Er moet nog wat geoefed worden, maar het gaat al beter dan vroeger





Radio.

13 03 2010

<is alweer een kwartier of langer zelfgemaakte liedjes aan ‘t zingen>

- ‘Amai Senne, je bent weer zo vrolijk?!’

- ‘ Ja, want mijn hoofd is dus wel precies een radio die nooit wordt uitgezet, hé’





Skipret.

26 02 2010

Dat wij dachten onze oudste zoon na zes jaar toch al wel wat te kennen. Dat wij dachten te weten dat hij geen held was. Bang om te vallen. Bang om zich pijn te doen. Bang van mensen die hij niet kent. Bang in toch wel vele opzichten van het woord (maar voor de rest en voor alle duidelijkheid met voorsprong de meest geweldige zesjarige ter wereld uiteraard – dat spreekt vanzelf :-) ).

Enfin, wij dachten hem dus te kennen.

Waren wij mis.

Want zo kwamen wij, op dag 1 van onze skivakantie met nonkel boeckie en zijn twee vrouwen, terug ter hoogte van de babypiste naast ons hotel, om hem om te pikken van de allereerste skiles in zijn leven.

En zo bleek dat hij op ‘t einde van de dag al even alléén besloten had wel even de sleeplift te pakken (klimmen is zo lastig).

Wij dachten ff dat Lennert & Annemie, de meer dan geweldige monitoren van Snowmania, de hele dag een ander kind verkeerdelijk met de naam Senne hadden aangesproken en die van ons ergens de hele dag langs de kant van de piste had zitten zielig doen.

Niets van dus.

Skiën was geweldig. Lennert & Annemie waren geweldig. Lennert evenwel nog wat geweldiger dan Annemie. 

Op ‘t einde van dag 2 stopte hij niet vooraleer hij de twee skischoolparcourtjes (bochtjes met poortjes & bultjes) 1x foutloos was afgegaan.

De laatste dag skiede hij achter mij de rode piste af. Onderwijl zijn hele megamindy & piet piraat-repertoire afzingend.

En Lennert was ondertussen gepromoveerd tot een status die normaal enkel Spiderman of Megamindy toebedeeld krijgen (en nonkel Clerckie): die van superheld.

Het was moeilijk afscheid nemen vorige vrijdag. En dus kreeg ik maandag te horen:

‘Mama, het énige dat mij momenteel gelukkig kan maken, is skiën’.

Dus volgend jaar nog van dat. De oudste heeft zich geweldig geamuseerd, de jongste ondertussen in hotel Oma & Opa van idem dito, en wij, awel wij hebben ons ook geweldig geamuseerd. En vooraleer ik hier ook onder mijn voeten krijg: ja, daar had het fijne gezelschap vééééééééééééél mee te maken ;-)





Feestje.

11 02 2010

‘Ons pa wordt volgend jaar 65.’ zei mijn broer tegen mij. Of omgekeerd. ‘En ze zijn precies niet van plan een feestje te organiseren.’ zei de andere. ‘Waarom doen wij dat dan niet voor hen?’ zei de ene terug. ‘En we vieren er meteen hun 40 jarig huwelijk bij. Dan is het een feest voor hen beiden.’ zei de andere. ‘Maar er moet nog een verrassingsact zijn.’ vulde de ene aan. Waarop de andere zei: ‘we laten de 3 broers van onze pa uit zweden over komen!’

En zo geschiedde.

Er werden ouderwetse brieven geschreven naar het enige familielid dat ginds een beetje Engels sprak. Het adres was helemaal verkeerd, maar postbodes blijken ginds in het hoge noorden van een ontzetten volharding te getuigen en vond de bestemmeling toch. Waarop een e-mail volgde en er eindelijk, na een jaar of tien, terug contact was.

Er werden feestlocaties bezocht en ook uitgekozen.

De menu werd besteld, de wijn voorgeproefd.

Er werd ingebroken in de pc van Oma & Opa om adressenlijsten te vinden.

86 familieleden, ex-collega’s en vrienden werden uitgenodigd. 72 zegden toe.

6 februari werd in de agenda van Oma & Opa geblokkeerd voor een etentje.

Filmpjes werden opgenomen van kleinkinderen en zweedse familie.

De speech werd geschreven, de powerpoint gemaakt.

En toen, na maanden voorbereiding, was het moment daar.

En het was in één woord ‘geweldig’:

Complete suprise voor de feestvarkens…

Speech met een lach en een traan.

Mega-emo-moment bij het weerzien van de familie. De helft van de boot in tranen.

En nadien een fijn feestje, lekker eten, beetje uit de bol gegaan.

Echt maar dan ook echt fijn. Niet voor herhaling vatbaar, want dit doe je maar één keer. Maar geweldig.





Happy.

7 02 2010

Zelden zijn mijn dagen zo druk en zo zot geweest als de laatste en de volgende. Ik ren van hot naar her, weet tussendoor mijn hoofd niet meer staan en schrijf ondertussen op tienduizend papiertjes die tienduizend dingen die ik niet mag vergeten. Ze liggen overal:  in de keuken, op mijn pc, naast mijn bed., …

Mijn broer en ik hebben dit weekend mijn ouders het fijnste feestje sinds hun trouw bezorgd (waarover later meer). De zweedse familie is voor het eerst in 40 jaar nog eens in België. Yes 40. Ik had ze al 20 jaar niet meer gezien. Tot mijn eigenste verwondering blijk ik trouwens zelfs nog een paar zinnen die naam waardig uit mijn botten te kunnen slaan ‘in svenska’. De dagen staan nu volledig in het teken van Tore, Tage en Sune – de drie broers van Opa.

En ondertussen moet ik nog pakken echt werk verzetten, gaan we straks skiën en moet daar nog vanalles voor gedaan, heeft Senne nog een nieuw carnavalspak nodig en kilo’s confetti voor vrijdag, zit Papa Leeuw alweer de volle week in Ouagadougou (dat ligt ergens in Afrika, zou niet weten waar :-) ), en is er nog vanalles aan het gebeuren wat niet heel de wereld hoeft te weten.

Ik heb er voor het eerst in mijn leven het Justine Henin-syndroom van gekregen: acute aanval van stresspuisten.

Maar dat kan de pret op dit moment niet bederven :ik ben bijzonder happy. Superhappy eigenlijk. Het zijn bijzonder vermoeiende, maar vooral zeer fijne dagen.

En wat er nog bij helpt: onze roomba is back home. Yiehaa!





Oma.

17 01 2010

Lieve Senne, lieve Matisse,

Bij deze beloof ik plechtig

dat als ik later groot ben

en ook een oma ben geworden

- wat ik trouwens vanharte hoop -

dat jullie,

en jullie respectieve wederhelften

ook altijd op mij zullen kunnen rekenen

als jullie kinderen plots ziek zijn

en dat werkgewijs niet zo goed uitkomt

zelfs al woon ik ook kei-ver van bij jullie vandaan

wat ik dan weer niet hoop.

Net zoals jullie oma dat steeds gedaan heeft

en zonder wie

ik vandaag weer niet had geweten hoe het op te lossen.

Knuffel

Mama.





Olé.

15 01 2010

In de rubriek ‘kindererfgoed’:

Zing nu ja ja joepie joepie jee

Olé

Zing nu ja ja joepie joepie jee

Olé

Zing nu ja ja joepie

Ja ja joepie

Jaja joepie joepie jee

Olé

Pistolét

Patatten met puree

Met mijn hoofd in ‘t WC

EIHHHHHHHHHHHHH!





Kakais.

8 01 2010

De kakais ( (c) Matisse) die 80% van de tijd voor en naast onze deur wonen hebben het koud. Dat het oude meneertje, dat normaal elke dag ‘s ochtends die lawaaimakers (want dat zijn het natuurlijk ook wel) komt voederen, duidelijk nu ook niet buiten durft, helpt – denk ik – ook niet aan hun geluk. Maar het is wel een prachtig zicht zo nu, vanuit onze living.

Ziehier een poging tot natuurfotografie  vanuit onze voordeur …





Elektro.

3 01 2010

In een ver verleden heb ik nog elektrotechiek gestudeerd. Dat wil in theorie zeggen dat ik in staat zou moeten zijn van kapotte strijkijzers of mixers te herstellen. Helaas staat er zeker bij burgies geweldig veel tussen theorie en praktijk en zou ik het nu zelfs ook al niet meer weten op theoretische wijze. Er is geen groot burgie aan mij verloren gegaan, al bij al.

Dat was een lange inleiding om te melden dat de elektronica ten huize De Leeuwkes het grondig laat afweten, de laatste weken:

  • oven? thermostaat kapot: gaat vlotjes boven de 300°. Alles wat ge erin steekt verbrandt.
  • mixer? motor draait, mixdingen (hoe heet dat?) erin en er gebeurt niks meer. Altijd fijn als ge dat vaststelt op de vooravond van oudejaarsavond als ge 12l soep zoudt moeten mixen
  • strijkijzer? het water dat er als stoom en onder hoge druk uit zou moeten komen geblazen, druppelt er langs een vooralsnog niet ontdekte opening gewoon uit.
  • Roomba? die was voorspeld. eén jaar na aankoop laat hij het afweten: het oplaadstation doet ‘t niet meer en de borstels draaien niet meer rond. Morgen gaan we dus de garantie-service van de Krëfel es uittesten sie.

Nieuwe mixer en strijkijzer zijn ondertussen online besteld. Voor de oven behelpen we ons nog ff met een oventhermometer en wat elementaire wiskunde (genre: als ik het op 80° zet, dan wordt ie 140° in ‘t echt, dus als ik 180° nodig heb, dan moet ik ‘em waarschijnlijk op … zetten).

Maar de Roomba is echt wel balen. Zeker nu ons kuisvrouw 4 weken (VIER!) met vakantie is. En ik mij dus moet behelpen met zo’n grote philips-bak. En dus beetje jaloers op al die blogmadammen die zo’n klein schattig dysonneke (te leen?) hebben gekregen.

Soit. We komen ook deze tegenslagen wel weer teboven ;-)