Kinders krijgen is leren loslaten, zegt de volksmond wel eens. En wie ben ik om de volksmond tegen te spreken.
Deze week zetten wij een nieuwe stap (enfin, ik zette die vooral de papa lijkt daar allemaal zo niet bij stil te staan). Senne ging op boerderijklassen in de Vierhoekhoeve. Voor drie lange dagen. En hij vertrok en kwam gelukkig ook weer met zo’n bus. En elke wuivende mama of papa dacht maandagochtend aan ‘het busongeval’. Maar niemand zei er iets van. Bad karma. En toen we deze namiddag de bus stonden op te wachten; dachten we er allemaal weer aan. Maar niemand zei er iets van. Tot de bus er was, we de lijkbleke, oververmoeide maar ook zeer gelukkige kinders terug zagen. En velen opgelucht toegaven dat hij/zij eraan gedacht hadden. Gaat nooit meer weg waarschijnlijk – altijd die vage angst dat er iets gaat gebeuren.
Loslaten dus, een klein vluchtje uit het nest – zonder ons of zonder mama-van-een-vriendje. ‘t Is duidelijk dat ze een geweldige tijd ginds gehad hebben. En niet alleen maar geleerd hebben over maaidorsers en aardappelrooiers. Een stukje ‘kindje’ is daar in Gijzenzele achtergebleven, en een stukje tiener is mee teruggekomen. Gelukkig nog maar een klein stukje – maar het is er onmiskenbaar en het is al even onomkeerbaar. ‘t Gaat rap, zegt de volksmond dan ook.
Amai nie.



Wablief?