Dat wij dachten onze oudste zoon na zes jaar toch al wel wat te kennen. Dat wij dachten te weten dat hij geen held was. Bang om te vallen. Bang om zich pijn te doen. Bang van mensen die hij niet kent. Bang in toch wel vele opzichten van het woord (maar voor de rest en voor alle duidelijkheid met voorsprong de meest geweldige zesjarige ter wereld uiteraard – dat spreekt vanzelf
).
Enfin, wij dachten hem dus te kennen.
Waren wij mis.

Want zo kwamen wij, op dag 1 van onze skivakantie met nonkel boeckie en zijn twee vrouwen, terug ter hoogte van de babypiste naast ons hotel, om hem om te pikken van de allereerste skiles in zijn leven.
En zo bleek dat hij op ‘t einde van de dag al even alléén besloten had wel even de sleeplift te pakken (klimmen is zo lastig).
Wij dachten ff dat Lennert & Annemie, de meer dan geweldige monitoren van Snowmania, de hele dag een ander kind verkeerdelijk met de naam Senne hadden aangesproken en die van ons ergens de hele dag langs de kant van de piste had zitten zielig doen.
Niets van dus.
Skiën was geweldig. Lennert & Annemie waren geweldig. Lennert evenwel nog wat geweldiger dan Annemie.
Op ‘t einde van dag 2 stopte hij niet vooraleer hij de twee skischoolparcourtjes (bochtjes met poortjes & bultjes) 1x foutloos was afgegaan.
De laatste dag skiede hij achter mij de rode piste af. Onderwijl zijn hele megamindy & piet piraat-repertoire afzingend.
En Lennert was ondertussen gepromoveerd tot een status die normaal enkel Spiderman of Megamindy toebedeeld krijgen (en nonkel Clerckie): die van superheld.
Het was moeilijk afscheid nemen vorige vrijdag. En dus kreeg ik maandag te horen:
‘Mama, het énige dat mij momenteel gelukkig kan maken, is skiën’.
Dus volgend jaar nog van dat. De oudste heeft zich geweldig geamuseerd, de jongste ondertussen in hotel Oma & Opa van idem dito, en wij, awel wij hebben ons ook geweldig geamuseerd. En vooraleer ik hier ook onder mijn voeten krijg: ja, daar had het fijne gezelschap vééééééééééééél mee te maken
Wablief?